Tante Wil #1 (deel 3)

Vervolg op Tante Wil #1 (deel 1) en Tante Wil #1 (deel 2)

Maar onze vriendschap, die al zeker 38 jaar duurde, kreeg helaas toch een flinke knauw.

Want opeens was daar die brief waarin iedereen om haar heen werd opgehemeld en ik totaal werd afgebrand. Een aantal van die (zogenaamde) vrienden waren zelfs al lang uit beeld. Het voelde als een aanval. Ik was heel erg geschrokken en snapte er niks van. Ik was er een paar dagen behoorlijk van van de kaart. Bij mijn weten had ik altijd alleen maar goed gedaan en wat ze me allemaal aanrekende klopte van geen kant.

Ik schreef haar een lange brief terug waarin ik alles weerleggen kon en alleen toegaf aan het feit dat ik minder tijd had vanwege familieperikelen en haar daarom dus ook minder bezocht. En dat ik mijn familie in dit geval toch voorrang moest geven. Dat zij onze lange vriendschap op deze manier op het spel zette deed pijn, maar dan moest dat maar. Ik hoefde me nergens voor te verontschuldigen. Aan het eind van de brief wenste ik haar nog veel geluk.

Een paar dagen later belde ze, meteen nadat ze mijn brief ontvangen had. Ze bood haar excuses aan, huilde en zei dat ze spijt had van die brief en dat ze die nooit had mogen sturen. Na een lang en emotioneel gesprek zei ze dat ze me gewoon miste en vroeg ze of ik gauw weer eens langs wilde komen.

Mijn antwoord was, ‘ik kom binnenkort wel weer eens langs, maar dan als het mij uitkomt’. Dat heb ik ook gedaan, pas na een flink aantal weken. Ze had geen familie en ‘vrienden’ kwamen en gingen. Ze was qua intellect anders dan haar medebewoners in het verzorgingshuis waar ze toen al heel lang woonde. Nog prima bij haar verstand, nog steeds in alles geïnteresseerd en dat kon ze helaas met niemand delen. Ik kon het niet over mijn hart verkrijgen haar in de steek te laten. Maar het gevoel is nooit meer hetzelfde geworden.

Toch zocht ik nog steeds op. Sowieso op haar verjaardag. Heel af en toe tussendoor. Ze heeft nog 6 jaar geleefd na dat voorval. Toen overleed ze in het ziekenhuis, ze werd 96 jaar. Ik hoorde het pas toen ze al gecremeerd was. De kaart lag thuis en ik was aan het overwinteren. Mijn buren vonden de post pas toen alles achter de rug was.

Toen ik terug was in Holland, belde ik de executeur testamentair. Ik wilde graag weten hoe alles gegaan was. Want 44 jaar vriendschap is niet niks. Ze heeft me alles verteld, haar lichaam was gewoon op en na dat gesprek kon ik het ook afsluiten en was het voor mij goed.

Hebben jullie wel eens zo’n lange vriendschap gehad met iemand die in leeftijd verschilde?

Tante Wil #1 (deel 2)

Vervolg op Tante Wil #1 (deel 1)

In die tijd beloofde ze me van alles. Ik kon alles van haar krijgen. Geborduurde schilderijen die bij haar aan de wand hingen. Een borduurmachine. Een heel oud servies, haar naaimachine. Ik zei steeds ik hoef echt niets hoor en ik wil ook niets. ‘Nee dat weet ik’, zei ze dan, ‘maar als ik dood ben dan merk je het wel, want op heel veel spullen staat jouw naam op de achterkant’. Ik dacht af en toe, ach ja het is lief bedoeld. Ze dacht vast dat ik alles mooi vond wat zij ook mooi vond. Tussendoor gaf ze me ook dingen mee. Ik probeerde het beleefd af te houden, maar ik moest en zou het dan meenemen. Geen dingen van waarde, zoiets als hierboven beschreven.

Op een bepaald moment belde ze weer, ze had iets om op te sturen naar familie in Australië en het had nogal haast. Ze wist dat ik ’s middags vrij had. Ik reed vanuit mijn werk in Uithoorn naar Amsterdam en toen ik binnenstapte had ze een andere vriendin op bezoek die ik ook kende. Na een kopje thee en een gezellig gesprekje vroeg ik, “waar is het pakket, dan ga ik want dan ben ik voor de file weer thuis, u bent nu toch niet alleen. Dan breng ik het thuis wel naar het postkantoor”.

De vriendin keek verbaasd op en vroeg aan mij of ze mij daar speciaal voor had gebeld. Dat bevestigde ik. ‘Vindt ze niet erg hoor’, hoorde ik Tante Wil zeggen. Dat was ook zo. Maar die vriendin vond het belachelijk dat ze mij speciaal daarvoor had geroepen, terwijl zij wist dat zij ook zou komen en zelfs pal naast een postkantoor woonde.

Toen dacht ik opeens… ik word geloof ik een beetje uitgebuit de laatste tijd. Toen ik terug ging denken was dat al heel lang ook. Maar ja, ik dacht vaak wel dat het niet zo belangrijk of heftig was waar ze me dan voor nodig had, maar voor haar mogelijk wel. Achteraf was ze inderdaad al vele maanden daarvoor echt steeds veeleisender geworden.

Toen kwam er een periode waarin ik minder tijd voor haar vrij kon maken vanwege ziek en zeer in de familie. Met name waren er zorgen om mijn eigen moeder en om mijn schoonouders. Nog steeds belden we en ik zocht haar af en toe op.

Morgen deel 3…

Tante Wil #1 (deel 1)

Inderdaad Tante Wil #1, ik had namelijk ook nog een Tante Wil #2, daarover later…

Echte vriendschap is heel bijzonder en dan maakt een verschil in leeftijd eigenlijk helemaal niks uit.

Ik heb zo’n vriendschap gekend! En ik heb leuke tijden meegemaakt en mooie gesprekken gevoerd met deze 35 jaar oudere vriendin die ik leerde kennen tijdens mijn eerste ziekenhuisopname.

Toen ik 17 jaar was, eind april 1968, moest ik voor een operatie aan mijn amandelen naar het ziekenhuis. Voor volwassenen is dit een vervelende en pijnlijke ingreep. Ik kwam in het toenmalige Lutherse Diakonessen Ziekenhuis, aan de Van Eeghenstraat in Amsterdam te liggen. In een 2-persoons-kamer met uitzicht op het Vondelpark. Hoe luxe kun je het hebben?

Mijn kamergenote was 52 jaar en moest dezelfde operatie ondergaan. We raakten in gesprek over van alles en nog wat. We konden het meteen goed met elkaar vinden. Ze was getrouwd maar had geen kinderen. Ze werkte nog, als interieurverzorgster (zo noemde zij het toen al) bij een aantal bekende mensen. O.a. bij Rudi Carrell. En ze had een brede interesse, had veel gereisd en sprak haar talen.

Het was wat, die operatie en wat daar voor ellende achteraan kwam. We kregen veel waterijsjes, soep, gepureerd eten en een toetje. Eenmaal een toetje dat we allebei niet durfden te eten, namelijk rijst met bessensap… Wat denk je, al die rijstkorreltjes nestelden zich lekker in de wonden. De verpleegster die het had gebracht kreeg een rood hoofd, want zo’n toetje kon natuurlijk helemaal niet. Bij mij liep alles goed af, zij heeft nog een aantal nabehandelingen gekregen.

Ze had een Dafje en crosstje daarmee overal naartoe. Ik ben regelmatig een dagje met haar op stap geweest, hadden diepgaande gesprekken en ook lol met elkaar. Ze beschouwde me een beetje als haar dochter. En ik noemde haar Tante Wil.
Ze was ook overal bij, de verloving, het huwelijk en kwam op kraambezoek na de geboorte van mijn kinderen. Door verhuizingen zagen we elkaar niet zo vaak meer. Maar we hielden wel altijd contact en stuurden elkaar kaartjes.

En ze werd ouder en krakkemikkiger. Maar krakende wagens leven het langst zegt men toch? Dat klopte dus ook. Ze mankeerde van alles, hartproblemen, diabetes, overal artrose, reuma, kreeg operaties aan diverse organen. Ze verloor haar man, verhuisde 2 keer. We hielpen haar waar we konden. Ze belde vaak en ik draafde dan ook altijd met liefde weer op. Om op bezoek te gaan in het ziekenhuis als ze er weer eens in lag. Om te helpen met dingen en een luisterend oor te bieden. Maar ook om een feestje voor een speciale verjaardag te organiseren, heel leuk.

Wordt vervolgd…


Oud, maar niet versleten… (16)

Een tandje bijzetten…

Nadat een oude man zijn avondeten heeft opgegeten, hoest hij hevig waardoor zijn kunstgebit de kamer door vliegt.

‘Oh, hemel,’ zegt hij, ‘het is stuk… helemaal vernield. En ik kan me echt geen nieuw gebit permitteren’.

‘Maak je geen zorgen, pap’, zegt zijn zoon, ‘ik bezorg je er wel eentje van mijn vriend op het werk. Geef me gewoon mee wat er nog heel is van jouw kunstgebit, zodat ik hem een idee kan geven van de maat’.

De volgende dag komt de zoon terug met tanden die perfect passen. ‘Dat is geweldig zoon’, zegt de man. ‘Je vriend moet wel een heel goede tandarts zijn.

‘Nee’, zegt de zoon, ‘hij is geen tandarts, hij is begrafenisondernemer…’

Oud… maar niet versleten (14)

Een tandje bijzetten!

In de bioscoop begint een oudere man in het donker aan de voeten van
 de mensen die naast hem zitten te rommelen. 

De dame in de stoel naast hem, die zich wat aan hem begint te ergeren, fluistert boos vragend: “Wat doet u hier precies beneden?”

“Ik ben een toffee kwijt, antwoordt de oude man. “Doet u al die moeite voor een gewone toffee?” vraagt de vrouw.

“Ja”, zegt de man,”ziet u, mijn tanden zitten er nog in”.

Oud, maar niet versleten… (10)

Vlinders in je buik

Jef probeert zijn vrouw Margriet over te halen om tijdens een plaatselijke luchtshow in een vliegtuigje je kruipen. “Maar de vlucht kost zestig euro en zestig euro is wel zestig euro”, zegt Margriet.
Gelukkig voor Jef komt er een piloot langs die hun onenigheid hoort. Hij loopt naar het stel toe en zegt: “Luister eens mensen, ik zal een deal voor jullie regelen. Ik neem jullie allebei mee voor een vlucht. Als jullie de hele vlucht stil blijven zitten breng ik jullie niets in rekening, maar als jullie ook maar één woord zeggen, kost het jullie zestig euro!”
Het stel gaat ermee akkoord en ze stijgen op. De piloot voert allerlei loopings en duikvluchten uit en het echtpaar blijft muisstil. Na een perfecte landing draait de piloot zich om naar Jef en zegt: “Ik ben onder de indruk. Ik heb alles gedaan wat ik maar kon bedenken om jullie te laten schreeuwen, maar dat hebben jullie niet gedaan.”
Waarop Jef antwoordt: “Ach, ik wilde eerst wel wat zeggen toen Margriet naar beneden kieperde, maar uiteindelijk is zestig euro zestig euro!”